Na de crash

 

crash - Martinair - Faro - PH-MBN - MP495

Mede dankzij het afgegeven alarm, iets meer dan een minuut voor de crash, komt de hulpverlening snel op gang.

Herinnering van mede-passagier Fred Julsing aan de ontsnapping uit het gecrashte toestel

Personen met zware brandwonden worden per helikopter naar ziekenhuizen in Lissabon gebracht. De overige gewonden naar het districtsziekenhuis in Faro.

In het ziekenhuis in Faro is het, ondanks de chaos door het enorme aanbod van patiënten, relatief rustig. Er is overzicht. Personeel dat een vrije dag heeft, komt naar het ziekenhuis om te helpen. Ook komen er veel Nederlanders die rond Faro wonen naar het ziekenhuis. Deze mensen worden erg belangrijk omdat zij ook als tolk optreden. De meeste passagiers spreken geen Portugees en kunnen zich dus moeilijk verstaanbaar maken. Behandelende artsen spreken bijna allemaal ook Engels.

Inzittenden die na behandeling niet zijn opgenomen in het ziekenhuis worden opgevangen in drie hotels in Faro. In ons hotel verblijft ook de bemanning. Misschien daarom is er bewaking in het hotel en is er geen vrije inloop en uitloop van nieuwsgierigen en pers. Dit geeft een veilig gevoel. In het hotel zijn ook weer Portugese artsen en vrijwilligers die kunnen vertalen. In de hal van het hotel ligt een hoop kleren waar je vervangende kleding uit kan zoeken. Dat is nodig ook want de kleren en schoenen zijn nat, verdwenen of stinken naar kerosine.
In het hotel worden door overlevenden ervaringen uitgewisseld.

’s Avonds komen de eerste Nederlandse hulpverleners aan. De volgende ochtend wordt de terugkeer naar Nederland aangekondigd. Dit geeft een hele omslag van de sfeer. Voor mij begint de ‘ramp na de ramp’. Van ‘individu’ voel ik me opeens ‘deel van een collectief probleem’ geworden. (Meer hierover in mijn boek Faro: de ramp na de ramp)

Treffend verslag over de opvang en repatriëring in Dagblad Trouw van 23 december 1992.

We worden met bussen naar het vliegveld vervoerd en moeten daar een paar uur wachten.

Ticket van ten Hove van repatrieringsvlucht van Faro naar Amsterdam op 22 december 1992

 

De Boeing 767 van Martinair passeert dinsdagochtend 22 december 1992 na de landing op Faro het wrak van de verongelukte DC10. ANP PHOTO ED OUDENAARDEN

De terugvlucht is zo gespannen als je maar mag verwachten. Gespecialiseerde vliegangst-begeleiding ontbreekt op deze vlucht.
De aankomst op Schiphol is goed geregeld: de pers wordt op afstand gehouden en we worden in alle rust herenigd met onze familie.

De gewonden die in Faro behandeld zijn, worden in ziekenhuizen gecontroleerd. Zij worden opgenomen in het ziekenhuis of mogen daarna huis.

Op 30 december wordt in een Martinair-hangar op Schiphol een imposante herdenkingsbijeenkomst georganiseerd. Er zijn veel hoogwaardigheidsbekleders. Martinair directeur Martin Schröder belooft ‘een hand op uw schouder … zolang u er behoefte aan heeft’.

Cabinepersoneel vormt een erewacht bij de kisten met de stoffelijke resten van de bij de vliegramp in Faro omgekomen passagiers. ANP PHOTO ARTHUR BASTIAANSE

Omdat de gevolgen zo ingrijpend en vaak onzichtbaar zijn…